Blogs

In Brieven uit de toekomst vertellen mensen van nu hoe zij dan denken te leven.

Het is 20 november 2060. Ik ben net 107 geworden. De tijd staat niet stil. Mijn vriend Sams tikt deze brief voor mij. Mijn ogen zijn slecht en ik kan zelfs na vier laseroperaties en een lensvervanging niet meer zo goed lezen. Sams is mijn persoonlijke robozorger, een lief kunststof ventje van een halve meter hoog die alles begrijpt en veel voor mij doet.

Ik woon samen met andere honderdplussers in het plusgedeelte van Westlandia. Een mega-stad waar alles elektronisch en digitaal geregeld is. Een jaar of veertig geleden zijn ze begonnen met de bouw. Daar was toen best veel om te doen, de mensen vonden het gewoon eng. Het zou een kil getto worden, zo dachten ze. Maar niks van dat alles, het is hier reuze gezellig. Onze appartementen zijn met hydraulische bruggen aan elkaar verbonden. Er kringelen brede wandelboulevards langs met aan weerszijden rolpaden. Dat is reuze handig want wie niet meer zo goed loopt, gaat daar staan of zitten en wordt vervoerd.
Westlandia is een verwarmde stad. In de huizen, de openbare gedeeltes en de overbruggingen is het altijd 20 graden. De gebouwen zijn omringd door parken, zo hebben we altijd groen om ons heen.

Perfect ingesteld en aangesloten
Er wonen hier zo’n 60.000 honderd plussers samen met nog eens 40.000 stadswerkers en vrijwilligers. De laatsten zijn allemaal 70 jaar en ouder dus al met al zie je hier best veel grijze hoofden. De vrijwilligers gaan met ons naar winkelen, wandelen, koffiedrinken, eten en van alles ondernemen. De stadswerkers houden ons goed in de smiezen; ze hebben 24 uur per dag inzicht in de digitale leefdossiers en horen ook van de vrijwilligers hoe het met ons gaat. Wie het nodig heeft krijgt medische hulp of zorg en psychische steun. Ook Sams is een perfecte helper. Hij en de andere robotzorgers doen alle huis-tuin-en-keuken dingen. Hun systeem is zo ingesteld. Bovendien zijn ze aangesloten op het digitale leefplein. Daar zijn ook de slimme meetinstrumenten in onze huizen op aangesloten. De spiegel bijvoorbeeld die onze lichaamsfuncties meet en aangeeft dat we op onze suiker, bloeddruk en gewicht moeten letten. Of de ijskast die bijhoudt hoe het met de voorraad staat en zonodig maaltijden en drank bestelt.

Muren hebben oren en ogen
Ik zeg wel eens ‘onze muren hebben oren en ogen’ en dat is nog waar ook want de muren letten op ons met al hun kleine ingebouwde sensortjes. Als ik bijvoorbeeld val,’seint’ de muur dat door naar Sams. Die komt dan aangesneld, helpt mij overeind, meet tegelijkertijd snel mijn bloeddruk en scant mijn botten op eventuele breuken.

Ik voel me altijd veilig in mijn eigen huis. En als ik gezelschap wil van mensen van vlees en bloed, regelt Sams dat ook. Hij maakt een beeldbelverbinding met mijn familie of vrienden zodat ik met ze kan praten. Maar dat is niet vaak nodig want er komen hier regelmatig mensen op bezoek. Jongeren en studenten lopen hier stage of doen onderzoek. Ze vragen ons van alles over vroeger en vertellen ons op hun beurt over hun leven en dat vind ik leuk en interessant. Daarom voel ik me ook bijna nooit alleen.

Dit blog is een vervolg op het in 2011 verschenen blog Groeten uit 2036

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s